woensdag 24 januari 2007

Gastcollege 1

Vrijdag 12 januari zijn er een aantal gastcolleges gegeven die te maken hebben met de module: Contentmanagement.

De eerste die zijn presentatie aan onze klas gaf was Roger Dols.
Roger vertelde ons dat hij werkzaam is bij MSSM (http://www.mssm.com).

Hij vertelde ons dat hij de oprichter is van MSSM en dat dit bedrijf zich bezighoudt met topic maps en Morpheus Software. Belangrijke klanten van MSSM zijn o.a. de CBS, de Politie en de Belastingdienst. Het doel van het bedrijf is het ondersteunen van gedistribueerd onderhoud van informatie en kennis. Van belang is dat de essentie van informatie kan worden vastgelegd in semantische netwerken. Hun topic model bestaat uit de volgende lagen:
- de Informatielaag (inhoud, soort type)
- de Kennislaag (topics, associations, occurences)

Al met al heeft deze presentatie zo'n 75 minuten geduurt.

maandag 18 december 2006

Het Semantische Web

De heer Slaats heeft het in zijn les (donderdag 14 dec) gehad over het Semantische Web.

Het Semantische Web is een extra laag aan het huidige wereldwijde web.

Naast het gewoon verbinden van documenten met hyperlinks worden bij het semantische web ook de relaties tussen die documenten en de betekenissen van de documenten beschreven, waardoor informatie op het web beter gestructureerd wordt. Met XML kan de syntax beschreven worden.





De onderste laag bestaat het URI en de Unicode. De URI is een kenmerk is om objecten en begrippen op een unieke manier te beschrijven, terwijl de UNICODE communicatie tussen verschillende systemen mogelijk maakt.
Bij de laag daarboven gaat om het well-formed document; dat is het structureren van gegevens in een document (bij Namespaces wordt aangegeven in welke taal het geschreven is).
In de 3e laag (XML Query & XML Schema) bevinden zich de regels voor de structuur van de gegevens en de techniek die het mogelijk maakt om binnen die gegevens te zoeken.

We noemen deze drie lagen: de Syxtax.

RDF, in de laag dáárboven staat voor Rich Description Format. Hiermee worden de kenmerken en relaties tussen verschillende lagen beschreven. De 3 grijze lagen (zie plaatje) worden dan ook de 'semantiek van de structuur' genoemd.
Als iedere site deze structuur zou aanhouden en gebruik zou maken van zaken zoals Dublin Core Metadata om de content en context van de website te beschrijven, zou een bijna exacte ontsluiting van het web mogelijk zijn.

vrijdag 15 december 2006

Dublin Core

Dublin Core wordt gebruikt om metadata toe te voegen aan een webpagina.


Het wordt soms beschouwd als slecht georganiseerd wegens de moeilijkheid om definities te vinden voor individuele metadata-elementen. Een groot verschil met andere metadatastandaarden voor documenten bestaat erin dat er geen voorafbepaalde volgorde is om de elementen te gebruiken.


Voorbeeld van een Dublin Core model:




(binnenkort meer hierover)


Classificaties

We hebben laatst een opdracht moeten maken in groepjes van 2 waarbij we een classificatie moesten aanbrengen.
Classificatie wordt gedaan om de volgende redenen:

1) Om orde te brengen, zodat iemand iets makkelijk kan vinden.
2) Om zaken die iets met elkaar te maken te hebben bij elkaar te brengen
3) Om zaken die van elkaar verschillen te scheiden

Classificaties zijn in te delen in de volgende soorten:

- Mono- en polyhiërarchische
- Traditionele- en enumeratieve
- Analytisch-synthetische of facet
- Universele- en speciale

Afkortingen voor 'bekende' classificaties:

- DDC: Dewey Decimal Classification
- UDC: Universele Decimale Classificatie
- LCC: Library of Congress Classification

dinsdag 12 december 2006

Web 2.0


De term Web 2.0 verwijst naar wat sommigen zien als de tweede fase in de ontwikkeling van het World Wide Web. Het gaat over de verandering van een verzameling websites naar een volledig platform voor interactieve webapplicaties voor eindgebruikers op het World Wide Web. Volgens sommigen zullen deze uiteindelijk losstaande desktopapplicaties overbodig maken.
Web 2.0 verwijst naar de tweede fase. Dit impliceert dat er ook een eerste fase was. Dit is de periode waarin het Web zijn bekendheid verkreeg en steeds meer thuisgebruikers (en consumenten) aansluiting vonden. In deze fase kende men een economische euforie, met name door het grote aantal nieuwe zogenaamde dotcombedrijven. Ook de term 'nieuwe economie' werd in die tijd veel gebruikt. Over het algemeen beschouwt men het knappen van de internetbel omstreeks 2001 als het einde van de eerste fase.

vrijdag 8 december 2006

XML

De heer Slaats heeft het in zijn lessen gehad over XML.

eXtensible Markup Language (XML) is een standaard voor het definiëren van formele markup-talen voor de representatie van gestructureerde gegevens in de vorm van platte tekst. Deze representatie is zowel machineleesbaar als leesbaar voor de mens.
Met andere woorden: XML is een bepaalde manier om gegevens gestructureerd vast te leggen. Deze manier is gedefinieerd en mag iedereen gebruiken. Het is ontworpen om zowel door een programma als door een mens leesbaar te zijn. XML is niet alleen geschikt om gegevens in op te slaan maar wordt de laatste tijd ook meer en meer gebruikt om gegevens via het internet te versturen. XML is een vereenvoudigde vorm van SGML (Standard Generalized Markup Language), een heel complexe standaard die gebruikt werd om ingewikkelde documenten vorm te geven.Een eerder aftreksel van SGML is HTML (HyperText Markup Language). HTML heeft voor een doorbraak in SGML-achtig vormgegeven tekst gezorgd, maar gegevens die op een HTML-pagina staan zijn voor computers niet als zodanig te herkennen.
Het gaat in dit bestandsformaat dus meer om de structuur van informatie, dit in tegenstelling tot HTML, of liever de manier waarop HTML veel gebruikt wordt, waarbij het meer gaat om de presentatie van de informatie.

bron: http://nl.wikipedia.org/wiki/XML

Metadata

Ook hebben we colleges gehad over Metadata.

Dit is een manier om een document op te slaan in een contentmanagementsysteem.
Belangrijk is de content en de context.
Bij content wordt er gekeken naar:

Formele kenmerken:
Auteur
Impressum
Titel

Inhoudelijke kenmerken:
Onderwerp
Classificatiecode

Bij context wordt er gekeken naar

Techniek:
Welk formaat heeft het document?

Beheersgegevens:
Versie
Authorisatie
Bewaartermijn